Goudzoekers kuil
Op veler verzoek weer een wel of niet gebeurde datingstory. Nog niet eerder (in een boek of zo) gepubliceerd!
---------
"Goudzoeker wil met je chatten," bericht de datingsite terwijl ik een ingekomen bericht lees op diezelfde site. Meestal chat ik niet op de site zelf, ik ben er vaak te kort aanwezig. Inbox checken, reageren op berichtjes en dan weer uitloggen. Het is geen hangplek voor me. Ik geef liever mijn MSNadres aan mannen met wie ik een praatje wil houden. Ik klik dan ook bijna automatisch op de nickname die naar het profiel van de vrager linkt, niet echt van plan er op in te gaan. Soms stuur ik dan later een reactie als er een aardig profiel tevoorschijn komt. Ik zie een foto van een vlotogende meneer. En ik denk meteen: "Hij komt me bekend voor." Ik blader door mijn geheugendossier. Hij lijkt op... Ja, hij lijkt er erg op. Op Daan.
Ik schakel terug. Ik voel weer even het aangename gevoel van synchrone bewegingen. De herkenning alsof iemand er al lang is geweest. We spraken het uit. We leken in opbouw, naar elkaar toe te groeien. Totdat hij na een woordenwisseling op MSN, die die naam niet eens waardig was, weg was. Niet zomaar weg, echt stofloos weg. Opgegaan in het universum. Onbereikbaar. Doof en blind voor mijn vragen. "Waarom?" "Kun je het uitleggen?" "Kunnen we er over praten?" Vragen die in de lucht bleven hangen. Kettingen van staal aan zijn stiltevesting waaraan ik tevergeefs rammelde. Eerst non-acceptatie van mij: dit ging wel weer over. We hadden nog een afspraak staan om elkaar voor het eerst buiteninternettelijk te ontmoeten. Daar moest hij wel op terugkomen, dat kon niet anders, was mijn overtuiging. Je kon niet zomaar uit een auto stappen die je gestart had. Hij zou zo inzien hoe buiten proporties zijn reactie was.
En dan de fase van droeve berusting. Kettingen die ik tot slot apatisch liet vallen, ik gaf het op. Een verklaring had zoveel lucht gegeven, want unfinished business verdiept verdriet. Daan ebde weg, maar het zien van zijn naam had nog lang een nare nawee van het onheus zijn bejegend.
"Hallo," begint Goudzoeker. Ik groet terug en stel de vraag: "Je komt me bekend voor. Mag ik je voornaam weten?" "Ik heet Stef," zegt hij. Oh. Dus toch niet. Hij heeft ook een andere nickname dan Daan toen had. En de foto is anders, maar toch... "Je lijkt op iemand die ik heb gekend. Die Daan heet," leg ik uit.
"Ik ben het ook, Geertje. Ik ben Daan." Hij gaat van ontkenning naar onthulling met nauwelijks enige overgang.
Wat ga ik doen? Na zoveel tijd een levensteken. Toen hoopte ik, wachtte ik er op. Nu ben ik al lang het nare gevoel kwijt en daar verspert hij opeens mijn pad. Boosheid en gekwetstheid willen hem wegduwen, nieuwsgierigheid en de verwachting antwoord te krijgen laten hem staan. Ik wil horen wat hij te zeggen heeft over toen.
---
Wordt misschien vervolgd...

Ik heb je boek net (voor de tweede keer) gelezen. En tadaaaa, weer zo'n verhaal om van te smullen. :-)
Je laat ons toch niet (net als Daan) in het ongewisse hè. ;-)
Geplaatst door: Truus | 23-11-09 om 12:29
Een week in het ongewisse gelaten, beetje druk... maar nu toch het tweede deel, Truus! Maar of dit deel je al uit je ongewisheid haalt... :-)
Smul smakelijk!
Geplaatst door: geertje | 29-11-09 om 16:35